Johan Cruijff

Zomervakantie! Er zijn alweer 5 weken voorbij en nu, aan het begin van week 6, eindelijk tijd gevonden om wat filmpjes van het afgelopen schooljaar te delen.
Spelende kleuters, op het plein, ergens in het voorjaar, met bekertjes water, kwasten en krijtjes. En spelend binnen, bij de zandtafel, waar ik het zand verruilde voor plastic doppen.

Spelen met water, krijt en kwasten.
Spelen met water en een verfroller.
Spelen met plastic doppen.

Spelende kinderen zijn lerende kinderen. En spelen gaat vanzelf, kinderen doen dat van nature. Als leerkracht probeer ik steeds wat toe te voegen aan hun spel zodat ze kunnen blijven ontdekken, zich steeds opnieuw kunnen verwonderen en verbazen en al spelend ontelbaar veel ervaringen opdoen en vaardigheden oefenen.

In mijn groep heb ik relatief weinig zogenaamd ‘ontwikkelingsmateriaal’. Vaak richten deze materialen zich op één bepaald ontwikkelgebied en moeten de kinderen er mee ‘werken’. Het materiaal dat wel aanwezig is in mijn groep, oa mozaïek en rekenblokjes, ligt bijvoorbeeld in de bouwhoek en wordt geïntegreerd in (vrij) spel en niet als losse activiteit aangeboden. Er wordt niet mee gewerkt maar mee gespeeld!

Ik ben een groot fan én een voorstander van vrij spelen, zeker in de kleutergroep maar het liefst ook in de hogere groepen. Een kwartiertje per dag buiten spelen is écht niet genoeg. En rijdend over de A10 zag ik afgelopen week weer mijn ‘lievelings-billboard’ met daarop een quote van Johan Cruijff: “Buiten spelen zou een vak moeten zijn op school!” Een medestander. En wat voor één!

Aankomende week ga ik weer aan de slag. En met mij vele collega’s! Nog geen kinderen in school, maar genoeg te doen. Maandag 17 augustus gaan de deuren weer open, schooljaar 2015-2016 gaat beginnen. De maandag na de zomervakantie voelt iedere keer weer als Nieuwjaar! Zónder oliebollen maar hopelijk met veel vuurwerk!

Spiderman doet citotoets!

Het zit erop! De toetsweken zijn voorbij.
Ooit heeft iemand verzonnen dat het zinvol is om (hele) jonge kinderen te onderwerpen aan toetsen. Want pas dán kun je precies weten hoe het met ze gaat, hoe ze ervoor staan, of ze slim zijn, onder de norm zitten, op welke gebieden je als school je onderwijs kunt verbeteren, “waar je op moeten inzetten” of je een goede school bent en in ons geval dus of we wel een een goede Voorschool zijn. Dat feit, dat we Voorschool zijn maakt dat de gemeente Amsterdam ons heeft verplicht al onze kleuters te toetsen.
Getallen, resultaten, meetbaar en meer van dat soort zaken.
Inmiddels heb ik de strijdbijl wat dit betreft begraven, het bijltje er maar bij neergegooid, ben ik uit-geprotesteerd, gestopt met de hakken in het zand zetten: ik toets braaf al mijn kleuters.
Hoewel ik de toetsperiode echt het dieptepunt van het schooljaar vind, heb ik me de afgelopen 2 weken toch enorm geamuseerd tijdens het toetsen.

Hoe het gaat.

Om te beginnen is het onmogelijk alle 28 kleuters tegelijk te toetsen. Want naast dat je de vragen moet voorlezen, heb je het ontzettend druk met de randvoorwaarden. Zoals daar zijn het oprapen van potloden, punten aanslijpen (want die breken af als je ze een keer of 5 laat vallen!), het oprapen van potloden en het oprapen van potloden!
En daarnaast hebben de groepen 1 en 2 ook nog verschillende toetsen dus kunnen ze hoe dan ook niet allemaal tegelijk.

Wij hadden de speelzaal omgetoverd tot ‘examenzaal’, voor elk kind was er een bankje met daarop een potlood en een kartonnetje. (Met dat kartonnetje bedekken de kinderen tijdens de toetsen de vragen die nog niet aan de beurt zijn.) Geen stoelen, lekker op hun knietjes voor ’t bankje, konden ze tijdens het toetsen ook nog een beetje hangen en wiebelen. Eerst ging ik met groep 2 naar de speelzaal. Ze klommen uitgelaten over de bankjes, renden rondjes, vochten om de beste plekken, gooiden potloden de lucht in en hadden er eigenlijk best zin in! De achterblijvers van groep 1 zette ik voor een dvd van Barbapapa samen met 4 meiden uit groep 8 die als oppas fungeerden.

In de handleiding van de CITO-toets staat precies beschreven wat en hoe vaak de leerkracht iets mag zeggen. Dus alle vragen, verhaaltjes, raadsels en andere instructies mogen maar 2x door mij herhaald worden. En da’s best jammer voor veel kinderen. Want soms moeten ze hun gevallen potlood van de grond rapen. Sommige kinderen moeten dat vaak doen, sommigen heel vaak. Of het potlood rolt zo ver weg dat zich moeten uitrekken waardoor per ongeluk het toetsboekje op de grond valt. Meestal is het boekje na oprapen dicht. Da’s jammer. Want welke kleuter vindt zelfstandig de juiste bladzijde terug en voegt weer in bij de juiste vraag? En oja, dat kartonnetje waarmee je de andere vragen moest afdekken, waar is dat nu weer gebleven?

Maar na een vraag of 4, 5 komen we op stoom. Bijna iedereen begrijpt “hoe het werkt”, er wordt best goed geluisterd naar de vragen die ik stel, snappen ze dat je een streepje onder het goede plaatje moet zetten, begrijpen ze het principe van het doorschuiven van het kartonnetje en kunnen ze hun plas nog best even ophouden! Knappe kinderen!

En toen was groep 1 aan de beurt.
Ze renden even uitgelaten als groep 2 de speelzaal binnen. Klommen ook over de bankjes, ontdekten dat ze er ónder pasten en vochten net als de groepers 2 om de beste plek.
Voor groep 1 gold hetzelfde principe als voor groep 2: boekje, potlood, kartonnetje, stil zijn, zitten blijven, luisteren, streepje zetten, kartonnetje doorschuiven, volgende vraag. Kortom: een onmogelijke klus. Een toetsboekje, een potlood, een leeg kartonnetje, je kunt er werkelijk van alles mee doen! Toetsen was voor de meeste van mijn 14 lieve, schattige, mollige 4 en 5-jarige kleuters maar bijzaak.

 

Er werd tussen de vragen door getekend op kartonnetjes, plaatjes ingekleurd, streepjes gezet door het héle boekje, onder het goede plaatje, maar ook onder andere leuke plaatjes. Je kunt kunstjes met je potlood doen, toch nog even verstoppertje spelen onder het bankje, een ander kind helpen “néé, je moet onder dát plaatje een streepje zetten”. En verder kun je tijdens zo’n toets languit op de grond liggen, weglopen van je plek, naar het raam lopen, naar de wc gaan, niezen met veel snot of gewoon geen zin hebben in toetsen! En toen ik even niet oplette zat ineens Spiderman aan een tafeltje. “Hé Spiderman! Jij ook hier? Goed opletten hoor en zet maar een streepje onder het goede plaatje, een stréépje hè!” Een van de jongetjes had een Spiderman-vest aan en daar bleek weer een soort Spiderman-masker aan vast te zitten. En dat moest op, nu, meteen! Dat toetst namelijk veel lekkerder!
IMG_1449

En als je dacht dat dit het was, dan heb je het mis. Want dit alles herhaalde zich voor elk kind nog 3x. Elke kleuter moet namelijk een taal en een rekentoets maken. Deze toetsen bestaan uit 2 delen, 4 toets-sessies voor elk kind. En voor mij dus 8 sessies! De eerste keer vonden de meeste kleuters het nog wel interessant maar na 2 sessies was de lol er voor de meesten meer dan af. Maar we hebben volgehouden, het is klaar, het is af, het is volbracht!

Inmiddels heb ik alles nagekeken, zijn de fouten geteld, de punten verdeeld en staan de resultaten keurig in het systeem en weet ik ongeveer net zoveel over mijn 28 kleuters als 2 weken geleden. De resultaten zijn een bevestiging van wat ik al wist. Niks nieuws onder de zon.

Maandag zijn we er weer, Spiderman en ik en de rest van mijn kleuters. En gaan we weer doen waar we goed in zijn. Spelen! Ik hoop dat de zon schijnt, gaan we buiten spelen!

IMG_1462

We spelen “parkje”.

IMG_0685 In de 9 weken tussen de voorjaarsvakantie en de meivakantie is het thema in alle kleutergroepen, “opgeruimd staat netjes”. Eind maart deden we mee aan de actie “Supporter van schoon”. Stadsdeel Nieuw West zorgde voor kinderbezems en afvalgrijpers én voor stoere vuilnismannen die na afloop met hun vuilniswagen bij school stonden zodat we al het vuil zélf in de wagen konden gooien.
Later speelden de kinderen op school na wat ze in het park hadden gedaan: met de afvalgrijpers en bezems werden de gang en het klaslokaal steeds grondig van alle vuil ontdaan. En er moest natuurlijk een park komen, om “parkje te spelen”! Het park is er inmiddels, met groene matten, bloemen van Duplo, een bankje en een prullenbak gemaakt van de grote blokken en ook de vlag van Supporter van schoon hangt er. En nu wordt er elke dag “parkje gespeeld”: picknicken en daarna lekker je rommel achterlaten zodat je aan de slag mag met de afvalgrijper. Of de prullenbak wordt opnieuw gebouwd omdat iemand die onhandig langs liep, de boel liet instorten.
En toen, op vrijdagochtend, lag er opeens een hondendrol in het park!

IMG_0624 Na deze ontdekking ontstond er een mooi gesprek over poep aan je schoen en wie dat schoon moet maken “mijn moeder doet dat, met een stokje”, waarom honden zomaar op het gras poepen en of dat eigenlijk wel mag. Iemand wist dat er in het park “van die borden staan met zo’n hondje met een streep, een schuine!”

IMG_0691

Groot enthousiasme en veel animo voor het maken van zo’n bordje.
Aan het eind van de ochtend was ons park weer poepvrij “je moet het opruimen met een speciaal zakje” en stond er een mooi bord, net zoals in het echt. Nu nog hopen dat de hondenbezitters zich hieraan houden! En wat doen we als er toch nog poep in het park ligt? En zou de hulphond van een van de ouders nog wel naar binnen mogen? Nog zoveel te vragen te stellen, nog zoveel te ontdekken, wij spelen nog wel even “parkje”!